05.02.2026 - 00:00 | Son Güncellenme:

GAZİOSMANPAŞA 1. ASLİYE HUKUK MAHKEMESİ

 

AANKONDIGING
VAN DE T.R. GAZİOSMANPAŞA 1e CIVIELE RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG

ZAAK NR. : 2016/494 Zaak

GEDAAGDEN :

 1- ERDEM NİZAM 2-MAİKE BASTRO NİZAM Sarıgöl Mahallesi Ordu Cad. No.:19 D:11 Gaziosmanpaşa/ İSTANBUL 3-MERYEM NİZAM G. Gezeller Str. 12 6416 SX Heerlen/Nederland Gaziosmanpaşa/ İSTANBUL

Uit de door de gemachtigde van de eiser ingediende dagvaarding blijkt dat de gedaagden, zijnde de erfgenamen van de eiser zelf, de eiser en zijn moeder Cemile Nizam, zijn vader Muttalip Nizam, zijn broers Ömer Nizam en İsmet Nizam en zus Hilmiye Özcan en de overleden broer Aziz Nizam, eigenaar waren van het onroerend goed gelegen in de provincie İstanbul, district Gaziosmanpaşa, wijk Sarıgöl Mah., kaartblad 128, blok 1906, perceel 8, met een oppervlakte van 364 m², en dat op dit onroerend goed door een niet bij de procedure betrokken aannemer, op basis van een overeenkomst tot bouw in ruil voor appartementsrechten, een gebouw is opgericht en een appartementsrecht is gevestigd; dat de zelfstandige eenheden die in het op het onroerend goed opgerichte gebouw aan eiser, diens moeder en broers/zussen toekwamen, onderling zijn verdeeld en dat elke zelfstandige eenheid is ingeschreven op naam van de daartoe aangewezen persoon; voorts blijkt uit deze verdeling dat is overeengekomen dat de zelfstandige eenheden genummerd 3 op de begane grond en 5 op de eerste verdieping gelijkelijk zouden worden verdeeld onder de in het kadaster ingeschreven mede-eigenaars, naar rato van hun eerdere aandelen; dat, hoewel de zelfstandige eenheid nummer 5 op de eerste verdieping gelijkelijk is gesplitst en ingeschreven, bij de zelfstandige eenheid nummer 3 op de begane grond een fout is gemaakt in de berekening van teller en noemer van de aandelen, waarbij het totaal op 9.360 aandelen is gesteld en de volgende aandelen zijn ingeschreven: 250/9.360 op naam van Cemile Nizam, 674/9.360 op naam van de eiser, 490/9.360 op naam van Ömer Nizam en 354/9.360 op naam van İsmet Nizam; daarentegen blijkt uit het eerdere kadaster dat de gedaagden, die de erfenisaandelen van de overledene Aziz Nizam hebben verdeeld, de volgende inschrijvingen hebben laten verrichten: 1.678/9.360 aandelen op naam van Maike Bastra Nizam, 2.957/9.360 aandelen op naam van Erdem Nizam en 2.957/9.360 aandelen op naam van Meryem Nizam; uit het kadaster blijkt dat van deze zelfstandige eenheid slechts in totaal 1.768/9.360 aandelen zijn ingeschreven op naam van de cliënt en diens overige broers/zussen, terwijl op naam van de overledene broer Aziz Nizam, oftewel diens erfgenamen de gedaagden, in totaal 7.592/9.360 aandelen zijn ingeschreven; gezien de mogelijkheid dat de gedaagden hun aandelen in het betreffende onroerend goed zouden overdragen, en om al deze redenen wordt verzocht een voorlopige maatregel op het kadaster van het onroerend goed te leggen; gelegen in de provincie İstanbul, district Gaziosmanpaşa, wijk Sarıgöl Mah., kaartblad 128, blok 1906, perceel 8, waarbij de aandelen in de zelfstandige eenheid nummer 3 op de begane grond worden omgezet naar de aandelenverhouding van de zelfstandige eenheid nummer 5 op de 1e verdieping, overeenkomstig de eerdere kadasterregistratie, en dat de te veel ingeschreven aandelen op naam van de gedaagden worden geschrapt uit het kadaster en ingeschreven op naam van de eiser, naar rato van het aandeel van cliënt en de aandelen die van zijn moeder Cemile Nizam op hem zijn overgegaan.

Bij de door onze rechtbank op 20.10.2016 opgestelde proces-verbaal van aanwijzing, is besloten;

1-) dat gezien de aard van de zaak de schriftelijke procedure wordt toegepast overeenkomstig de artikelen 118-315 van de Wet op de Burgerlijke Rechtsvordering,

2-) om het proces-verbaal van sortering aan de eiser te betekenen,

3-) De dagvaarding en het proces-verbaal van aanwijzing worden, overeenkomstig de artikelen 27 en 122 van de Wet op de Burgerlijke Rechtsvordering, aan de gedaagde betekend, waarbij de kosten uit het voorschot op de gerechtskosten worden voldaan; de gedaagde dient, krachtens de artikelen 122 en 127 van de Wet op de Burgerlijke Rechtsvordering, binnen een termijn van twee weken na betekening van de dagvaarding, een schriftelijk verweerschrift in te dienen bij de rechtbank waar de zaak is aangespannen, opgesteld in een formaat dat voldoet aan de vereisten van artikel 129 van de Wet op de Burgerlijke Rechtsvordering, met vermelding van het verweer, procedurele bezwaren en bewijsstukken, en voorzien van zoveel kopieën als er eisers zijn, overeenkomstig artikel 126 van de Wet op de Burgerlijke Rechtsvordering; indien de gedaagde binnen de in de tweede zin van artikel 122 vastgestelde termijn van twee weken geen verweerschrift en procedurele bezwaren indient, wordt, krachtens artikel 128 van de Wet op de Burgerlijke Rechtsvordering, geacht alle feiten die de eiser in de dagvaarding heeft aangevoerd te ontkennen; indien de gedaagde vervolgens een verweerschrift indient conform artikel 131, maar daarin de eerste bezwaren niet vermeldt, wordt geacht afstand te hebben gedaan van deze eerste bezwaren; voorts dient, krachtens de verwijzing naar artikel 129, tweede lid, van de Wet op de Burgerlijke Rechtsvordering in samenhang met artikel 121, het origineel van de in het verweerschrift vermelde documenten die zich in het bezit van de gedaagde bevinden, samen met een extra kopie meer dan het aantal eisers, zonder toepassing van kosten of belasting, of uitsluitend de kopieën, aan de rechtbank te worden verstrekt, en dient te worden voorzien van een verklaring die ervoor zorgt dat deze documenten ook binnen dossiers of documenten die van elders worden opgevraagd, kunnen worden ingekeken; tevens dient een bewijsvoorschot van 50,00 TL te worden gestort bij de kas van de rechtbank; krachtens artikel 150 van de Wet op de Burgerlijke Rechtsvordering kunnen tijdens de voorbereidende fase eventuele tekortkomingen met betrekking tot bewijsmiddelen worden aangevuld; bij gebreke hiervan wordt geacht afstand te zijn gedaan van deze bewijsmiddelen.

De betekening aan de gedaagde Maike Bastro (Bassttra) Nizam op de opgegeven adressen is retour ontvangen wegens onbezorgd, en ondanks adresonderzoek kon het adres niet worden vastgesteld. Daarom wordt geacht dat, zeven dagen na de datum van deze kennisgeving, op juiste wijze aan u betekend is. U dient binnen twee weken na de geachte betekening te antwoorden en, indien van toepassing, binnen deze termijn uw eerste bezwaren in te dienen. Indien u niet reageert, wordt geacht dat u afstand doet van de eerste bezwaren en dat u de feiten die in de dagvaarding zijn vermeld, ontkent; krachtens artikel 318 van de Wet op de Burgerlijke Rechtsvordering dient u al uw bewijsstukken duidelijk te vermelden, met opgave van welke feiten door welk bewijs worden ondersteund, de bewijsstukken die in uw bezit zijn bij te voegen bij uw verweerschrift, en tevens informatie te verstrekken zodat documenten en dossiers die van elders zullen worden opgevraagd kunnen worden geraadpleegd; dit wordt bij wijze van openbare kennisgeving in de plaats van een persoonlijke betekening aan u meegedeeld.

 

#ilangovtr Basın no ILN02393927